Nieuwsbrief november 2018

Nieuwsbrief november 2018

nieuwsbrief-september-201-000
|

|

  • Adviseren in een politiek bestuurlijk krachtenveld;
  • Windturbines en het Omgevingsrecht;
  • Overheidscontracten;
  • Energietransitie en vastgoed.

Adviseren in een politiek bestuurlijk krachtenveld

Wie zich met beleidsadvisering bezighoudt, kan geconfronteerd worden met de irrationaliteit van het politiek-bestuurlijk krachtenveld. Naast collegiaal overleg heeft u besprekingen met externe instanties die een rol spelen bij de totstandkoming van bestuurlijke beslissingen. 

Politici en bestuurders hebben echter hun eigen logica. Maatschappelijke eisen en persoonlijke opvattingen zijn voor hen leidend bij het nemen van beslissingen. Inzicht hebben in het krachtenveld waarin collegeleden opereren en de verschillende rollen zij vervullen is voor het effectief functioneren van een juridische- of beleidsadviseur daarom onontbeerlijk. Het politieke en bestuurlijke domein hebben elk een eigen rationaliteit die wezenlijk verschilt van de ambtelijke.

Vakmanschap centraal

Effectieve beleidsmatige advisering binnen de politiek- bestuurlijke context kan niet uit boeken worden geleerd. Voor het effectief handelen in politiek- bestuurlijke situaties zijn moeilijk algemeen geldende regels te geven. Die zijn ook moeilijk op te stellen gezien de variëteit van mensen en dossiers. De ambtelijke professie is in onze ogen een vakmanschap. Het (verder) ontwikkelen van dit vakmanschap betekent uzelf verder ontwikkelen vanuit de inhoud van uw vak, gevoel krijgen met de context waarin u werkt, het (steeds wisselende) krachtenveld in kaart brengen en u kunnen verplaatsen in wat bestuurders drijft. Dit alles binnen het kader waar u voor staat. Om vervolgens echt sturing te kunnen geven aan het proces van beleidsmatige advisering is het daarnaast essentieel om zicht te hebben op hoe u zelf als adviseur uw rol ziet en hoe zich dat verhoudt tot wat de organisatie (en haar omgeving) van u vraagt.

raadszaal2
|

 

Het vakmanschap draait anders gezegd om het vermogen om te kunnen anticiperen: op besluitvorming en op politieke wensen. Bovendien gaat het om het zich kunnen inleven: in de positie van bestuurders en raadsleden, om te kunnen doorvragen naar drijfveren, doelen en visies en dit alles samen goed weten te verwoorden in (schriftelijke en mondelinge) adviezen. Tenslotte behelst het initiatief nemen: in beleidsprocessen en informatievoorziening richting bestuur, raad en management.

Professionele deskundigheid met haalbare adviezen

‘Hoe combineert u, als beleidsmedewerker die mondeling of schriftelijk beleidsadviezen geeft, politiek-bestuurlijke wensen en opvattingen met uw eigen professionele deskundigheid. En hoe brengt u dit tot haalbare adviezen op basis waarvan het bestuur beslissingen kan nemen?’ Deze vragen staan centraal in het programma dat we in een tweedaagse training aanbieden. In het actieve programma zullen ook gasten uit het politiek-bestuurlijk domein een belangrijke rol spelen. Zo zullen we een wethouder uitnodigen of zal een raads- of Statenlid zijn dilemma’s als politicus met u delen. Het programma van deze training is gebaseerd op de volgende kernbegrippen en onderwerpen:

Verkennen: Van de externe en interne omgeving van waaruit de deelnemers opereren; het profiel van het politieke bestuur in uw organisatie; het krachtenveld rondom beleidsdossiers, de maatschappelijke, politieke en ambtelijke rationaliteit waarin het werk als ambtenaar zich afspeelt.

De eigen rol: Zicht hebben en houden op de eigen rol en impact hierin. Inzicht in de wijze waarop u tactisch en strategisch handelt, in gesprek bent (en blijft) met betrokkenen en invloed uitoefent op het besluitvormingsproces.

Verbinden: Het kunnen omgaan met belangentegenstellingen en het effectief handelen in een complexe bestuurlijke en ambtelijke omgeving. Dit laatste betekent het zodanig organiseren van processen dat bestuurders tijdig een professioneel en afgewogen advies krijgen in een hanteerbare vorm, waarbij de (beleids-)inhoud wordt verbonden aan de politiek-bestuurlijke .

Docent met langjarige bestuurlijke ervaring

Trainer/docent is drs. Elias de Haan. Hij is bestuurskundige, met als specialisatie organisatiecultuur. Elias begeleidt sinds 2002 ambtenaren en bestuurders bij de implementatie van bestuurs- en beleidsprocessen. Elias is ook raadslid en wethouder geweest. Na zijn bestuurlijke periode heeft hij gewerkt als interim beleidsadviseur en procesbegeleider bij een provincie.

|

De trainer gebruikt vaak Storytelling als methodiek. Storytelling is een methode om zin en betekenis te geven aan ons alledaags handelen. Door het gebruik van deze methodiek krijgen deelnemers veel ruimte om eigen ervaringen uit te wisselen en te leren van die van andere cursisten. Voorafgaande aan het leertraject vullen de deelnemers een vragenlijst in met nadruk op ervaring en persoonlijke leerwensen.

Voor wie:

Deze tweedaagse training is bedoeld voor beleidsadviseurs en professionals van andere stafafdelingen bij gemeenten en provincies. U moet regelmatig aan het bestuur rapporteren en adviseren. Van belang is dat u met enige regelmaat als professional met uw college of raad/staten te maken hebt. Naast ‘open-inschrijving’ is deze training ook uitermate geschikt voor ‘incompany’ vorm. 

 

tweedaagse training Advisering in een politiek bestuurlijk krachtenveld, 5 februari Woerden

 

Windturbines en het Omgevingsrecht

Op 10 juli 2018 zond minister Wiebus van EZK zijn hoofdlijnenbrief voor de uitvoering van het Klimaatakkoord aan de Tweede Kamer (TK). In dit voorstel op hoofdlijnen is verkend wat er voor nodig is om gezamenlijk de uitstoot van broeikasgassen in Nederland met 49% te verminderen in 2030 ten opzichte van 1990.

De klimaat- en energietransitie in zijn geheel gaat onvermijdelijk een impact hebben op onze leefomgeving. De schaarse ruimte in Nederland zal voor nog meer activiteiten moeten worden ingezet. Hernieuwbare energieproductie op land moet op een zorgvuldige manier worden ingepast, in overleg met name  omwonenden. Participatie en omgevingsmanagement zijn daarbij toverwoorden. Eén onderdeel van de instrumentenmix is in ieder geval windenergie. Puur als energiebron, maar ook als absolute noodzaak voor de productie van Waterstof, waar met name in de Provincie Groningen veel van wordt verwacht.

Hoewel de energietransitie ziet op de totale energiemix, is windenergie op dit moment de snelste route naar energiebesparing. Na de landelijke taakstelling van 6.000 MW wind op land is de verwachting dat er een nieuwe taakstelling voor wind op land zal volgen. Anders gezegd, er zal nog meer wind op land bij gaan komen.

|

Naast het draagvlak voor windprojecten worden vaak de planologische procedures als sta in de weg gezien. Hoewel de Elektriciteitswet (E-wet) daar duidelijkheid, en versnelling, in had moeten brengen wordt deze wet nog vaak als warrig en onleesbaar ervaren. Met name het feit dat de regelingen voor het Rijk afwijken van die van Provincies maken de E-wet lastig toepasbaar. Als vreemde eend in de bijt bevat de E-wet nog de mogelijkheid om de Belemmeringenwet Privaatrecht in te zetten.  Omgevingsrechtelijke aspecten zijn verder externe veiligheid, geluidhinder, vliegveiligheid en radarzonering. Verder zijn er nog twee wetgevingstrajecten die van invloed kunnen zijn op de realisatie van windenergie: de Omgevingswet en de Gas- en Elektriciteitswet.

Juridisch gezien heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) diverse jurisprudentielijnen voor wat betreft windenergie al uitgezet. Zo heeft de uitspraak van windpark De Drentse Monden en Oostermoer duidelijkheid gegeven over de kring van belanghebbenden. Daarnaast mogen overheden de normering van het Activiteitenbesluit gebruiken om te oordelen over een goede ruimtelijke ordening. Of gooit het arrest van D’Oultremont e.a. (HvJ 27 oktober 2016, zaak C-290/15, Patrice D’Oultremont e.a./Région wallonne, ECLI:EU:C:2016:816) nog roet in het eten en moet het Rijk nog een Plan-mer gaan opstellen voor het Activiteitenbesluit? En in hoeverre voldoet de besluitvorming rondom de windparken aan het Verdrag van Aarhus? En gaat de Omgevingswet de verlossing bieden in het taaie winddossier?

21076805 - wind turbines generating electricity on sunset sky

|

Windenergie zal de komende tijd, in al zijn facetten, de omgevingsrechtspecialisten bezig houden. In de jurisprudentie rond Windenergie speelt veel, denk aan inspraak, MER, landschap/stedenbouw, ecologie, geluid, slagschaduw en externe veiligheid. In deze cursus zal mr. R. Sieben U meenemen in de jurisprudentie rondom windenergie in al zijn aspecten. Daarnaast zal hij ook een uitstapje maken naar de Omgevingswet, participatie en lusten en lasten. Tijdens deze cursus zal het instrumentarium voor de realisatie van windturbines op begrijpelijke wijze in beeld worden gebracht. 

|

Tijdens deze cursus zullen in ieder geval de volgende onderwerpen behandeld worden:

  • Stand van zaken Klimaatakkoord;
  • De Structuurvisie Wind op Land (SWOL);
  • De Rijkscoördinatieregeling op grond van artikel 9b van de Elektriciteitswet;
  • Het Uitvoeringsbesluit rijkscoördinatieregeling energie-infrastructuurprojecten;
  • Het Provinciale inpassingsplan op grond van artikel 9e van de Elektriciteitswet;
  • De Provinciale Coördinatieregeling op grond van artikel 9f van de Elektriciteitswet met de daarbij behorende delegatiebevoegdheden;
  • Toepassing van de Belemmeringenwet Privaatrecht;
  • Externe veiligheid, geluidhinder, vliegveiligheid en radarzonering;
  • Gas- en Elektriciteitswet en de Omgevingswet.

|

Overheidscontracten

Overheden sluiten voortdurend contracten, zoals ict-contracten, huurovereenkomsten of subsidie-overeenkomsten. Specifieke expertise op het gebied van het maken en beoordelen van contracten is vaak niet of beperkt aanwezig. Een goed contract hoeft niet lang of ingewikkeld te zijn, maar hierover dient in ieder geval goed te zijn nagedacht.

In deze masterclass, die uit twee middagen bestaat, leert u op een systematische wijze contracten op te stellen en te beoordelen. U krijgt de relevante juridische kennis aangereikt en belangrijke tips uit de praktijk. Met die kennis bent u in staat om een zo sterk mogelijke juridische positie voor uw (overheids)organisatie te creëren en discussies over de uitleg van een overeenkomst in de toekomst zoveel mogelijk te voorkomen.

Voorts leert u wat de juridische mogelijkheden zijn indien er niettemin problemen ontstaan bij de uitvoering van een overeenkomst. In deze masterclass wordt ook aandacht besteed aan de regels die in het bijzonder voor de overheid als contractspartij gelden. 

|

contracten

|

De verschillende onderwerpen die aan de orde komen zijn:

  • Soorten overheidscontracten

Aan de orde komt het onderscheid tussen privaatrechtelijke overeenkomsten, bevoegdhedenovereenkomsten, gemengde overeenkomsten en convenanten. Voorts wordt aandacht besteed aan de doorkruisingsleer.

  • Precontractuele fase, voorbehouden en vertegenwoordiging

Wanneer kunnen onderhandelingen worden afgebroken en wat zijn de juridische consequenties?
Welke voorbehouden kunnen wel en niet worden gemaakt en wat betekenen deze precies?
Wanneer is een gemeente juridisch gebonden aan toezeggingen?
Wanneer is er sprake van een rechtsgeldige overeenkomst?

  • De inhoud en het opstellen van een contract

Wanneer zijn algemene voorwaarden van toepassing?
Welke betekenis heeft een considerans?
Wat zijn de essentiële juridische onderdelen van een overeenkomst?
Op welke wijze kunnen/moeten afspraken worden gemaakt en geformuleerd?
Welke wettelijke bepalingen zijn van dwingend recht?

  • De (niet-)nakoming van een contract

Welke rol spelen redelijkheid en billijkheid en algemene beginselen van behoorlijk bestuur?
Wat zijn (de gevolgen van) onvoorziene omstandigheden?
Hoe om te gaan met niet- nakoming van contractuele verplichtingen?
Wanneer slaagt of faalt een beroep op een exoneratie?

  • De aantasting en de beëindiging van een overeenkomst

In welke gevallen kan een overeenkomst worden vernietigd of nietig worden verklaard?
Wanneer en op welke wijze kan een overeenkomst worden beëindigd?
Wat zijn de juridische consequenties?

 |

Energietransitie en vastgoed

Het klimaatverdrag van Parijs, het afbouwen van de gaswinning in Groningen, de realisatie van grote wind- en zonneparken op land en zee, energielabels, gasloos bouwen. De energietransitie speelt op veel niveaus en veel verschillende manieren een steeds grotere rol bij vastgoed. Ook investeert de overheid zelf, via bijvoorbeeld subsidies, in verduurzaming van vastgoed. De uitleg en toepassing van wet- en regelgeving bij energietransitie levert interessante juridische vragen en uitdagingen op. Van een bestemmings- of inpassingsplan voor een windpark tot een verplicht energielabel bij de verkoop of verhuur van gebouwd vastgoed.

Of je nu bezig bent met grondzaken, vastgoedontwikkeling en -beheer of ruimtelijke ordening, iedereen die met vastgoed bezig is krijgt vroeg of laat met energietransitie te maken. Behalve een uitdaging biedt energietransitie ook een grote kans voor verduurzaming. Redenen genoeg om de juridische aspecten van een aantal belangrijke ontwikkelingen bij energietransitie en vastgoed op een rij te zetten. Aan de hand van praktijkvoorbeelden komen deze actuele ontwikkelingen in wet- en regelgeving en rechtspraak tijdens deze masterclass aan de orde.

Onderwerpen die worden besproken:

  • De do’s en de don’ts van aanbesteden en contracteren met ontwerpende, uitvoerende en andere partijen;
  • Wat zijn de gevolgen van de wijzigingen in de Warmtewet voor verhuurders en huurders?
  • Wat moet de verhuurder van woningen die worden getransformeerd naar gasloze woningen, regelen met de huurder?
  • Kan de verhuurder de kosten van de transformatie (gedeeltelijk) doorberekenen aan de huurder?
  • Energielabel en energie-index;
  • De juridische aspecten van de Nul-op-de-meter-woning;
  • Gasloos bouwen: wat zijn de nieuwe regels en uitzonderingen daarop?
  • Bestemmingsplannen voor wind- en zonneparken;
  • Overheidssteun voor energietransitie.