Nieuwsbrief december 2016

Nieuwsbrief december 2016

nieuwsbrief-september-201-000

  • Openbaarheid van bestuur: de Woo vraagt meer van overheden in vergelijking met de Wob;
  • Wie wil er eigenlijk thans nog iets kopen bij een bouwmarkt of tuincentrum? Wel in 2020?
  • De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen: de stand van zaken, de planning en de relatie met andere technische en publiek c.q. privaat rechtelijke aspecten.
  • Toezicht en handhaving volgens de Awb.

Openbaarheid van bestuur (Wob en Woo)

De Wet openbaarheid van bestuur (Wob) haalt regelmatig het nieuws. Met name misbruik van de Wob door bijvoorbeeld ‘dwangsommenjagers’ heeft de afgelopen jaren veel aandacht gekregen. Op dat punt is de Wob inmiddels aangepast. Maar de wetgever zit niet stil. De opvolger van de Wob, de Wet open overheid (Woo), is in april 2016 door de Tweede Kamer aangenomen. Vanwege de behandeling in de Eerste Kamer komt er een ‘impactanalyse’. Het wetsvoorstel voor de Woo heeft namelijk de nodige kritiek gekregen van onder meer de VNG vanwege de mogelijk hoge kosten en uitvoeringslasten. Toch doen overheden er goed aan om met de komst van de Woo rekening te houden. Want duidelijk is in elk geval dat de Woo veel (meer) vraagt van overheden in vergelijking met de Wob. Dit alles met als doel om de toegang tot publieke informatie voor de democratische rechtsstaat alsmede de mogelijkheden van hergebruik van overheidsinformatie beter te regelen.  

Tot de komst van de Woo zullen overheden met de Wob moeten werken. En ook over de Wob valt, aan de hand van recente rechtspraak, een en ander te melden. Tijdens de door georganiseerde studiemiddagen praten we aan de hand van enkele recente uitspraken van de bestuursrechter bij over actualiteiten rondom de Wob. Het grootste deel van de middag is bedoeld om u vertrouwd te maken met de hoofdlijnen van de Woo.

Tijdens de studiemiddag “Openbaarheid van bestuur (Wob en Woo)” krijgt u de kennis over openbaarheid van het bestuur aangereikt die van belang is voor de praktijk en wordt u bijgepraat over de actuele ontwikkelingen

 

U zult tijdens de studiemiddag onder meer antwoorden krijgen op de volgende vragen:

  • Wat is de reikwijdte van de Woo? Voor wie geldt deze wet?
  • Hoe actief is de plicht tot openbaarmaking onder de Woo?
  • Wanneer kunnen verzoeken om informatie straks nog geweigerd worden?
  • Wat mag ik onleesbaar maken?
  • Wat blijft er over van de ‘persoonlijke beleidsopvatting’? Staat mijn ambtelijk advies straks ook online?
  • Hoe verhoudt de Woo zich tot de Archiefwet?
  • Welke ‘straf’ staat er op het niet tijdig afhandelen van een Woo-verzoek?
  • Welke conclusies kunnen we trekken uit de recente Wob-jurisprudentie?

Wie wil er eigenlijk thans nog iets kopen bij een bouwmarkt of tuincentrum? Wel in 2020?

Iedere rechtgeaarde klusser of “kluster” treedt wel van tijd tot tijd een bouwmarkt annex tuincentrum binnen. Dat doe ik ook… de laatste tijd wel met de nodige vraagtekens, zuchten en een beetje hoofdpijn.

De bouwmarkten annex tuincentra worden de laatste jaren in een zodanige omvang gebouwd dat bij steeds meer mensen de neiging bestaat om er een “dag-uit” van te maken. Die neiging bestaat overigens ook steeds vaker bij de zgn. Factory Outlet Villages (FOV’s) die er steeds meer verschijnen of althans op stapel staan.

Het kost wel de nodige moeite om bij deze grote bouwmarkten en/of tuincentra te vinden wat je zoekt. Dat neemt niet weg dat de (kleinere) kinderen graag mee gaan want ze weten inmiddels dat er daar ook de nodige attracties te vinden zijn en luchtkussen en schommels zeker niet ontbreken. Natuurlijk zijn de nodige aquaria ook interessant.

Meestal is het assortiment zodanig dat er “van alles” te koop is. Maar als ik bij een dergelijke “attractie” binnenloop, bedenk ik dat, als iedereen zou weten wat er allemaal aan de vestiging van dergelijke bedrijven vooraf is gegaan, het niet uitgesloten is dat men binnentreedt met de nodige vraagtekens maar  men wel bereid is iets te kopen… dat neemt echter niet weg dat het wel lekker voelt als je nagenoeg alles kunt kopen en vaak ook nog tegen een redelijke prijs. Vaak is er dan ook nog gelegenheid om tegen een gereduceerde prijs de tank van de auto te vullen.

bouwmarkt

|

Wie het ruimtelijk bestuursrecht en het omgevingsrecht volgt – en tot hen behoor ik – weet inmiddels wel dat de participanten van/in de bouwmarkten- en tuincentra-wereld langzamerhand met toenemende regelmaat in de

|

bestuurlijke “boksring” staan. Vaak eerst in het kader van een bestemmingsplanprocedure en daarna – als deze procedure is afgerond -ook weer wegens een verleende Omgevingsvergunning. Dat kan – bij wijze van voorbeeld – in Zwolle, maar evengoed in de gemeente Midden-Delfland (een gebied in Den Hoorn en de A4 en Delft. Wellicht in nog meer gemeenten. Denk aan de Outlets!

In Zwolle heeft de gemeenteraad een bestemmingsplan vastgesteld en daarbij besloten geen exploitatieplan vast te stellen. Je kon het voorspellen: er volgde beroep door “collega-ondernemers”: men gunde elkaar het (bouwmarkt- en tuincentrum) licht in de ogen niet en dus volgde de gang naar de hoogste bestuursrechter. De gemeenteraad stelde vervolgens een gewijzigd bestemmingsplan vast en er volgde wederom een beroepsprocedure bij de hoogste bestuursrechter ABRS. Op de zitting van de ABRS verschenen zoveel vertegenwoordigers, deskundigen en advocaten, dat gemakkelijk een grote geoutilleerde bus was te vullen en er wellicht minder sprake  van verkeershinder zou zijn geweest als dat het geval zou zijn geweest. Daarbij komt nog dat de Voorzitter van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State aan de staatsraad advocaat-generaal heeft verzocht om een conclusie als bedoeld in artikel 8:12a van de Algemene wet bestuursrecht… op de uitgebrachte conclusie (in casu een correctie op het relativeringsvereiste) hebben de partijen gereageerd en toen kon na de zitting het onderzoek worden gesloten. Vervolgens komt 10 maanden later – op 16 maart 2016 -de uitspraak van de ABRS : de beroepen worden ongegrond verklaard. De financiële gegevens zal ik buiten beschouwing laten, maar zonder meer gaat het om een zeer groot bedrag… wellicht goed voor de werkgelegenheid: circa 20 juridische aspecten passeren de revue… de uitspraak behelst 18 getypte pagina’s.

In Midden-Delfland betrof het een stedelijk woon- en werkgebied, waarvoor eerder bestemmingsplannen zijn vastgesteld. Het voorliggende plan voorziet in een actuele juridisch -planologische regeling van eerder voorziene mogelijkheden en in enkele nieuwe ontwikkelingen, waaronder – jawel – de vestiging van een bouwmarkt en tuincentrum inclusief drive-in en een tankstation. Er werden tegen het vastgestelde bestemmingsplan beroepschriften ingediend tegen het mogelijk maken van de bouwmarkt… wederom door een aantal collega-ondernemers. De afstand van Den Hoorn en Den Haag is zodanig dat het niet de moeite loonde om ook een verwarmde autobus te arrangeren. Je kunt je nauwelijks voorstellen welke juridische zaken en aspecten uit de hoge hoed zijn en worden getoverd, maar de Afdeling Bestuursrechtspraak heeft er liefst 24 getypte vellen voor nodig om de appellanten een verantwoord antwoord te geven en voegt daaraan dan nog eens 11 pagina’s tekst met toepasselijke regelgeving aan toe. En dat binnen precies 4 maanden.

|

De creativiteit bij appellanten viert hoogtij… allerlei mogelijk theoretisch en inhoudelijke juridische aspecten worden naar voren gebracht met (niet met name genoemd) één doel , te weten: “Hoe houden we de vestiging van een bouwmarkt ter plaatse tegen? Of: “Op welke wijze kunnen we de realisering van de vestiging traineren?” Er worden door de ABRS enkele gebreken in het bestreden besluit geconstateerd en  – bij wijze van tussenuitspraak -moet de gemeenteraad van Midden-Delfland enkele bestemmingsplanregels aanpassen. Vermeldingswaard is tevens dat de ABRS in de uitspraak de voorlopige voorziening treft hoe de tekst van enkele artikelen geacht wordt te luiden: de gemeente moet deze tekst dus overschrijven… opvallend dat het grote woord “concurrentie” niet valt.

Moeten we blij zijn met deze uitspraken? Moeten we dus bij bouwmarkten blijven kopen?

Het is goed om aan de hand van deze beide spraakmakende uitspraken tijdens een door ons georganiseerde studiemiddag nog eens met elkaar  na te gaan welke juridische zaken en aspecten aan de orde zijn gekomen en welk verweer en welke antwoorden bij beide zaken zijn gevoerd resp. gegeven. Daar kunnen we in ieder geval de komende jaren nog steeds van leren c.q. gebruik maken.

 

Studiemiddag: Belangwekkende jurisprudentie omtrent realisatie van bouwmarkten, 16 maart Eindhoven

 

Studiemiddag: Belangwekkende jurisprudentie omtrent realisatie van bouwmarkten, 30 maart Amersfoort 

 

De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen: de stand van zaken, de planning en de relatie met andere technische en publiek c.q. privaat rechtelijke aspecten

De Minister voor Wonen en Rijksdienst, S.A. Blok heeft een uitgebreid samenhangend voorstel ingediend namens het Kabinet bij het parlement. De Tweede Kamer heeft het voornemen deze principiële ingrijpende wijziging plenair te behandelen eind 2016. 

 

Het voorstel heeft betrekking op o.m. de wijziging van de Woningwet, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en het Burgerlijk Wetboek. Het e.e.a. houdt verband met de invoering van een nieuw stelsel van kwaliteitsborging voor het bouwen en de versterking van de positie van de bouwconsument (Wet kwaliteitsborging voor het bouwen, kortweg Wkb)  

Hoe spelen de bestaande en nieuwe bouworganisaties in op de veranderingen en de nieuwe situatie. Welke bestaande en nieuwe instrumenten kunnen hoe gebruikt worden en wanneer?

Tijdens de door ons geplande actualiteitenbijeenkomst wordt u bijgepraat over:

  • De stand van zaken;
  • De ervaringen met try-outs;
  • De gedetailleerde planning van de gefaseerde invoering;
  • Verwachtingen m.b.t. juridische consequenties voor alle belanghebbenden;
  • De beschikbaarheid van essentiële onderdelen c.q. (soorten) instrumenten;
  • De bouw gerelateerde consequenties voor planning, relaties en organisaties van allerhande processen.

10540725 - team of business people in group, architect and engeneer  on construciton site check documents and business workflow on new building

|

De informatie is gebaseerd op het KB, het voorstel van Wet, de Memorie van Toelichting, het Advies van de Raad van State en Nader Rapport, het verslag van de TK cie. behandeling met de gerelateerde Nota naar aanleiding van dit verslag. De praktijkervaringen sinds 2000 bij try-outs van werken met instrumenten zoals bijvoorbeeld een beoordelingsrichtlijn BRL door gecertificeerde partijen zullen besproken worden.

 

Actualiteitenmiddag: Wet kwaliteitsborging voor het bouwen, 16 februari Amersfoort

 

Actualiteitenmiddag: Wet kwaliteitsborging voor het bouwen, 9 maart Eindhoven

 

Toezicht en handhaving volgens de Awb

Er is veel aandacht voor de veiligheid en leefbaarheid van onze samenleving. Voor bestuursorganen geldt een beginselplicht tot handhaving. De Algemene wet bestuursrecht en de daarop gevormde rechtspraak bepaalt de speel- en bewegingsruimte van de toezichthouder. De toezichthouder informeert de vermeende overtreder ook over het handhavingstraject volgens de Awb, met inbegrip van de rechtsbeschermingsmogelijkheden.

Bestuursrechtelijke handhaving is geregeld in hoofdstuk 5 van de Algemene wet bestuursrecht. Handhaving is een onmisbare schakel bij een goede uitvoering van het omgevingsbeleid. De wijze waarop en de intensiteit waarmee handhavingsactiviteiten worden uitgevoerd zijn belangrijk voor een succesvolle handhavingszaak, die ook bij de rechter stand houdt. Goede handhaving vereist kennis van de regelgeving bij toezichthouders en medewerkers handhaving. De toezichthouder informeert de vermeende overtreder ook over het handhavingstraject volgens de Awb, met inbegrip van de rechtsbeschermingsmogelijkheden.

|

Tijdens door Bureau Kennis georganiseerde praktijkmiddag “Toezicht en handhaving volgens de Awb” worden de deelnemers, op praktische wijze geïnformeerd over alle relevante bepalingen uit de Awb die op hun werkzaamheden van toepassing zijn. Onderwerpen die aan de orde komen zijn: 

  • Het begrip “toezicht”;
  • Wettelijke bevoegdheden toezichthouder;
  • Machtiging tot binnentreden;
  • Medewerkingsplicht;
  • Vereisten constateringsrapport;
  • Verhouding bestuursrecht/strafrecht;
  • De last onder dwangsom en onder bestuursdwang, zowel reparatoir als preventief;
  • Rechtsbescherming en juridische risico’s;
  • Behandeling van casuïstiek;
  • Door deelnemers in te brengen praktijkvragen.